Bonttest

Soms is imitatiebont zo goed nagemaakt, dat het niet direct te onderscheiden is van echt bont. Gebruik dan deze trucjes om erachter te komen of jouw bontje van een dier komt of niet:

Voelen
Aai het bont en laat het tussen je vingers doorglijden. Echt bont voelt zacht aan en de haartjes zijn glad. Imitatiebont voelt stroef aan, een beetje plakkerig zelfs.

Kijken
Blaas zacht op de haartjes, zodat je de onderlaag ziet. Echt bont bestaat vaak uit diverse soorten haar: de ondervacht is pluizig en vaak steken er lange, dikkere haren uit die aan de onderkant een andere kleur hebben dan aan het uiteinde. De onderste laag is echt leer. Imitatiebont valt niet zo soepel uit elkaar als echt bont. Alle haren zijn ongeveer even dik. Vaak zijn niet duidelijk echt verschillende soorten haar te zien. De lange haren zijn in één kleur. De onderste laag is van stof.

Ruiktest
Echt bont ruikt een beetje muffig, naar een pelsdier. Nepbont heeft vrijwel geen geur.

De volgende twee testjes kun je beter niet in de winkel doen:

Priktest
Prik met een speld dwars door het bont. Bij echt bont gaat de speld er moeilijk doorheen, je moet even doordrukken. Bij imitatiebont gaat de speld gemakkelijk door de onderlaag.

Vuurproef
Trek voorzichtig een paar haartjes uit het bont en houd deze bij een vlam. Echt bont verschroeit, net als je eigen haar. De haartjes verschrompelen helemaal en het stinkt ook net zo. Imitatiebont smelt en ruikt als verbrand plastic. Aan de topjes van de imitatie bonthaartjes voel je harde bolletjes (laat eerst afkoelen).